Abstractie en geweld

We weten ondertussen dat Ramose het ‘stromende’ (‘wordende’) en de ‘heel-heid’ van de Ubuntu-levensfilosofie profileert door het af te zetten tegen wat hij typisch Westers noemt: 'stilzetten' en ‘fragmenteren’. Hij benadrukt dat de fragmenterende Westerse geest reeds met de Westerse talen gegeven is.
In het hoofdstuk over ‘recht’ koppelt hij zijn kritiek expliciet aan het abstraheren.

‘Het juridische denken in het Westen kent het primaat toe aan het concept “rechtspersoon”, een abstracte entiteit. De Afrikaanse rechtsfilosofie daarentegen vat de persoon op als een levende en geleefde ervaring.’ (P.81)


De ‘persoon als een levende en geleefde ervaring’ is kennelijk concreet.
Maar wat betekenen abstract en concreet hier? Ramose bedoelt met ‘abstract’ kennelijk vooral zoiets als: iets of iemand losmaken uit zijn natuurlijke context. En dat is gewelddadig.

'De dominante rol van de taal, vooral ion het Westen, kan een verleidelijke of gewelddadige inbreuk op de gestage stroom van de werkelijkheid worden genoemd. Hierdoor raakt de stroom gefragmenteerd, zodat de heel-heid uiteenvalt in abstracte of concrete entiteiten waaraan een zelfstandig, blijvend en onveranderlijk bestaan wordt toegekend.’ (P.82)


Is het zo, dat de Afrikaanse rechtspersoon, zoals Ramose die kenschetst, niets abstracts in zich heeft? Wanneer hij schrijft: ‘de persoon als een levende en geleefde ervaring’ staat daarbij: ‘de Afrikaanse rechtsfilosofie vat de persoon op als ... ’. Het gaat hier om een opvatting. Kennelijk wordt in de praktijk van het Ubuntu-recht een persoon als zus en zo beschouwd, gedefinieerd. Het is een culturele abstractie van een mens van vlees en bloed. In die culturele context wordt een mens zo gezien en behandeld. Zou in deze definitie van ‘persoon’ geen enkel geweld zitten? Tijdens het lezen van het hoofdstuk over religie moest ik toch wel even slikken bij de passages over besnijdenis en clitoridectomie. In het culturele perspectief van de Ubuntu-levensfilosofie is het kennelijk geen geweld, in het perspectief van de Westerse Verlichting wel. Ik zeg niet wat ‘objectief’ beter is; ik wil hier alleen erop wijzen dat er ook in de Ubuntu-zienswijze een ‘persoon’ is gedefinieerd (d.w.z. afgebakend; ingesloten / uitgesloten). Wellicht heeft de Ubuntu-opvatting van ‘persoon’ voordelen boven de moderne Westerse. Maar misschien omgekeerd ook?

Is het zo, dat de Westerse rechtspersoon niets van ‘levende en geleefde ervaring’ in zich heeft? De abstractie die in het moderne Westerse recht voltrokken wordt, bestaat erin dat er rechten gedefinieerd zijn die voor iedereen in het juridische gebied gelden. Uit oogpunt van rechtvaardigheid. Betekent dat ook perse in de praktijk van de rechtspraak, dat de concrete persoon die berecht wordt, als object beschouwd en behandeld wordt? Dat kan gebeuren, maar niet perse. Als het goed is, zijn er in de rechtszaal twee mensen met elkaar in gesprek. De ene heeft iets gedaan wat in strijd is met de wet (als de officiële normen en waarden van het land), de andere past deze wet toe. Is de rechter perse zonder gevoel en mededogen? Is de beklaagde perse object wiens geschiedenis, motieven en gevoelens (‘een persoon met levende en geleefde ervaringen’) genegeerd wordt. Ik denk dat in ons rechtsgevoel het een niet zonder het andere gaat.

Ja, inderdaad, de moderne Westerse rechtspersoon is een abstractie: om iedereen gelijk te kunnen beoordelen en behandelen, is er een wet nodig die voor iedereen geldt en een rechtspraak voor wie iedereen gelijk is. Deze gelijkheids- en rechtvaardigheids-abstractie maakt het in principe mogelijk dat de hele persoon gezien kan worden, ongeacht ras, leeftijd, sociale klasse, geloof, e.d.

Zijn de Ubuntu-nadruk op levende en geleefde ervaring en de ‘hele persoon’ enerzijds en de moderne Westerse nadruk op gelijkwaardigheid en rechtvaardigheid met elkaar in strijd? Lijkt mij niet. Abstractie kan (ook) positief uitvallen voor de hele persoon en de hele gemeenschap.

Als abstractie geweld is ten opzichte van het concrete / levende, is het geweld van de abstractie dan altijd slecht, iets dat we niet moeten willen? Is de abstractie van de concrete raciale kenmerken e.d. juist niet goed voor iemand? Kan het geweld van de abstractie dus niet ook een bevrijding zijn - bevrijding van racisme, seksisme, vreemdelingenhaat, etc etc? (Spinoza en Foucault dachten van wel.)