Meer dan tekst

Zoals vaak met filosofie, kost Ramose’s boek af en toe heel wat hoofdbrekens. Wat betekenen de termen ubuntu en umuntu? Wat bedoelt de auteur met ‘wordend zijn’ en ‘gesubstantiveerd infinitief’. En wat moeten we aan met zijn verdediging van besnijdenis en clitoridectomie?

Als we de tijd nemen om op die begrippen te kauwen en zijn argumenten in hun context te plaatsen, komen we er wel uit. Maar om dit boek te begrijpen, is meer nodig dan ons concentreren op de tekst. Ramose’s woorden brengen iets tot uitdrukking: de Ubuntu manier om in het leven te staan, of beter gezegd: om je in de wereld te bewegen als deel van de wereld.

Ramose’s boek lezen is: proberen in zo’n beleving van de wereld en mens-zijn te geraken. En dat valt niet mee voor ons, die op een heel andere manier geleerd hebben ons in de wereld te bewegen. Wij beleven de wereld en onszelf anders, Grieks-Romeins en christelijk – en tegenwoordig: wetenschappelijk.

Filosofische distantie

Wil ik als Westerling een Afrikaanse filosofie, zoals nu Ubuntu, leren kennen, zal ik me op de een of andere manier uit mijn Westerse cocon moeten losmaken. Door socialisatie ben ik ingesponnen in Westerse manieren van waarnemen en denken. Wil ik me kunnen verplaatsen in het geheel andere van Ubuntu, dan zal ik me, voor zover mogelijk, moeten distantieren van mijn Westerse kijk- en denkgewoonten – op zijn minst tijdens het lezen. Temeer wanneer ik ook respect wil tonen voor dat heel andere mens- en wereldbeeld.

Een heel andere filosofie willen begrijpen veronderstelt dat ik in staat ben tot filosofische distantie en zelf-relativering.

Morele keuze

Wat Ramose schrijft over ubuntu en umuntu (p. 31/32):

Ubu: ‘zijn in het algemeen, “omhuld” zolang het niet is geconcretiseerd’.

Ntu: ‘knooppunt waarop het zijn een concrete vorm of zijnswijze aanneemt in het proces van voortdurende ontvouwing’.

Umu: het zijn voorzover het ‘naar het meer bepaalde neigt’, de ‘homo loquens [de sprekende mens] die tegelijk homo sapiens [de wijze mens] is’, ‘de mens, de schepper van politiek, religie en recht’.

Ubuntu: het zijn dat naar concretisering streeft.

Umuntu: ‘een bepaalde beweging van het algemene naar het concrete, bepaalde’, ‘de specifieke entiteit [de mens] die voortdurend onderzoek doet naar het zijn, naar de ervaring, naar kennis en waarheid’. Daarom heeft umuntu met kennistheorie te maken, terwijl ubuntu met zijnsleer te maken heeft.

P.33: ‘De taal van umuntu legt verbanden, richt en concentreert het hele kennistheoretische domein op de zijnsleer van ubu-.’ ‘Dit gebeurt door een gelijktijdige, onlosmakelijke koppeling van ubu- en umuntu door de stelregel [het morele gebod] umuntu ngumuntu nga bantu, wat Ramose vertaalt als:

‘Mens zijn is je menselijkheid bevestigen door de menselijkheid van anderen te erkennen -en op grond daarvan menselijke relaties met anderen aangaan.’

De ubuntu-/umuntu-filosofie is niet een objectieve wetenschap van hoe de werkelijkheid in elkaar zit. Deze filosofie is een heel bepaald wereld- en mensbeeld, een culturele keuze hoe een samenleving zich moreel wilt gedragen.

Een filosofische beoordeling stelt niet de objectieve waarheid van (in dit geval) het ubuntu wereld- en mensbeeld vast, maar maakt dit beeld zichtbaar als een morele keuze. De lezer kan dan beoordelen of en hoe hij / zij die morele keuze tot de zijne / hare wil maken.

Voor een Westerling betekent zo’n keuze een flinke relativering van het eigen Westerse wereld- en mensbeeld.

Moet / kan ik mijn eigen filosofisch inzicht vergeten?

Moet en kan ik, terwijl ik Ramose’s boek over Ubuntu lees, het filosofisch inzicht vergeten dat ik in de decennia van mijn volwassen leven reeds verworven heb? Is dit inzicht sowieso al verdacht om ik Westerling ben en dat inzicht alles te maken heeft met Westerse tradities? Hoewel – eigenlijk bracht ooit (zo rond 1982) zazen-beoefening mij tot dat inzicht.

Dat filosofisch inzicht is dus een ervaring – een ervaring die ik niet kan en wil wegdrukken wanneer ik iets lees wat filosofisch genoemd wordt, zoals nu Ramose’s boek.

Wat ik in dit boek tegenkom, is een wereld- en mensbeeld: beweringen over (de aard of essentie van) de werkelijkheid. Ik kan niet anders dan constateren dat het beweringen zijn, van taal gemaakt, met waarheidspretentie. Ik kan niet anders dan me afvragen: op grond waarvan zouden deze beweringen waar zijn?

Wanneer ik me iets meer verdiep in Afrikaanse filosofie, valt me op dat Ubuntu niet de enige filosofie is die Afrikaans wordt genoemd. Zo heb je de etnofilosofie, de bestudering van wereldbeschouwingen die men in de verschillende Afrikaanse samenlevingen heersend zijn. De wijsheidsfilosofie is ook etnofilosofie maar dan op individuen, wijzen, gericht die opinieleiders zijn in de gemeenschappelijke wereldbeschouwing. Zulke wijzen kunnen ook nationalistische ideologen zijn, wier filosofie dan ook wel politieke filosofie genoemd kan worden.

Hoe dan ook, filosofie is een klassiek Grieks woord, uitgevonden door Griekse denkers voor hun typische manier van nadenken over de werkelijkheid en vooral ook over het denken zelf. Zoals ook in de Nederlandse vertaling tot uitdrukking komt is filosofie ‘liefde voor wijsheid’, wijsbegeerte, niet het wijs-zijn. Op zoek zijn naar wijsheid, de vraag naar de waarheid stellen (langs rationele weg), dat is typisch Grieks denken. Aan universiteiten – ook in Afrika – noemt men dit professionele filosofie.

Natuurlijk is het woord filosofie inmiddels gedevalueerd – het heeft allerlei betekenissen erbij gekregen, zoals levensvisie en bedrijfsfilosofie. In deze hedendaagse populaire betekenis kunnen we bovengenoemde Afrikaanse etnofilosofie, wijsheidsfilosofie en politieke ideologie gerust filosofie noemen. Maar betekent dit dat we de professionele filosofie niet serieus hoeven te noemen?

In Afrika zijn er professionele filosofie die onder Afrikaanse filosofie verstaan: professioneel filosofisch onderzoek door Afrikanen, iets dat nog in de kinderschoenen staat.

Wat Mogobe Ramose doet in zijn Ubuntu-boek is het beschrijven van een wereld- en mensbeschouwing. Hij beweert dat (zijn karakterisering van) Ubuntu de kern is van alle Afrikaanse filosofie, ondanks de regionale verschillen. Bij andere auteurs kunnen we echter lezen dat de regionale verschillen groter zijn en reeds dateren uit de Egyptische tijd (die bij Ramose niet in beeld komt). Opvallend is echter, dat Ramose de Ubuntu-levensbeschouwing aan ons duidelijk maakt in termen van wat hier boven professionele filosofie werd genoemd: als zijnsleer / metafysica en als kennisleer. Dat ik dan meen Heidegger te herkennen in Ramose’s ontologie en metafysica is dan ook niet vreemd en geen toeval.

Als Ramose’s filosofie een levensbeschouwing is in termen van de professionele filosofie, waarom zou ik daaraan dan geen professioneel-filosofische, namelijk kenniskritische vragen mogen stellen? Wat is Ramose aan het doen in het boek? Hoe doet hij dat? Waarom zou het waar zijn wat hij beweert?

Dit alles neemt niet weg, dat de Ubuntu-levensbeschouwing op belangrijke punten afwijkt van de Europese (Grieks-Christelijke) levensbeschouwing. Ook blijft het mogelijk dat een Westerling die Ubuntu-levensbeschouwing aantrekkelijk en belangwekkend vindt, ook als het gerelativeerd is als ‘ook maar’ een levensbeschouwing.